Je team enthousiast krijgen voor EDI lukt het best door te beginnen met erkenning: erken wat docenten al goed doen, en laat zien hoe expliciete directe instructie aansluit op hun bestaande aanpak. Opleggen werkt niet. Samen ontdekken wel. De sleutel zit in een goede introductie, ruimte voor scepticisme en kleine successen die docenten zelf ervaren. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over EDI invoeren in je team.

Waarom verzetten docenten zich tegen EDI?

Docenten verzetten zich tegen EDI omdat het voor hen voelt als kritiek op wat ze al jaren doen. Expliciete directe instructie wordt soms gepresenteerd als de nieuwe waarheid, terwijl ervaren docenten weten dat er geen universele waarheid bestaat in het onderwijs. Die wrijving is begrijpelijk en eigenlijk een teken van betrokkenheid.

Weerstand bij docenten komt zelden voort uit luiheid of onwil. Vaker zit er iets anders achter:

  • Moeheid van vernieuwingen: Docenten met tien, twintig of dertig jaar ervaring hebben al veel hypes zien komen en gaan. EDI voelt voor hen als “weer iets nieuws” dat over een paar jaar ook verdwijnt.
  • Gevoel van onderwaardering: Als een methode wordt ingevoerd zonder hun expertise te betrekken, voelen docenten zich gepasseerd. Waarom zou je iets veranderen dat werkt?
  • Angst voor beoordeling: Lesbezoeken en feedback zijn onderdeel van EDI-implementaties. Dat maakt docenten kwetsbaar, zeker als de cultuur op school niet veilig aanvoelt.
  • Onbekendheid met de inhoud: Veel docenten hebben EDI alleen van naam gehoord, maar weten niet precies wat het inhoudt. Onbekend maakt onbemind.

Begrijp je de weerstand, dan kun je er ook iets mee. Weerstand wegdrukken werkt averechts. Weerstand begrijpen is de eerste stap naar draagvlak.

Wat is het verschil tussen EDI invoeren en EDI opleggen?

Het verschil tussen EDI invoeren en EDI opleggen zit in eigenaarschap. Bij invoeren betrek je docenten actief bij het proces: ze begrijpen waarom, ze hebben inspraak en ze ervaren de meerwaarde zelf. Bij opleggen krijgen docenten een model gepresenteerd dat ze moeten uitvoeren, zonder context of keuze.

Opleggen leidt bijna altijd tot oppervlakkige naleving. Docenten passen EDI toe als de coach meekijkt, maar vallen daarna terug op hun vertrouwde aanpak. Dat is geen onwil, dat is een logisch gevolg van een aanpak die geen ruimte laat voor eigen inzicht.

Invoeren vraagt meer tijd aan de voorkant, maar levert duurzamere resultaten op. Dat betekent in de praktijk: docenten meenemen in het waarom, ruimte geven om te experimenteren, en fouten mogen maken zonder dat dat direct consequenties heeft. Zo wordt EDI iets van het team, niet iets dat het team overkomt.

Hoe leg je EDI uit aan docenten die sceptisch zijn?

Leg EDI aan sceptische docenten uit door te beginnen bij wat ze al kennen. Expliciete directe instructie is geen revolutie, het is een gestructureerde manier van lesgeven die veel docenten al intuïtief toepassen. Benoem dat expliciet. Zeg: “Wat jij al doet in de klas, dat is eigenlijk al een groot deel van EDI.”

Sceptische docenten hebben geen behoefte aan een PowerPoint vol theorie. Ze willen weten: werkt het, en past het bij mij? Beantwoord die vragen concreet:

  1. Koppel EDI aan herkenbare situaties: Gebruik voorbeelden uit de dagelijkse lespraktijk. Geen abstracte modellen, maar situaties die docenten direct herkennen.
  2. Laat resultaten zien van gelijken: Verhalen van collega’s die ook sceptisch waren maar positief verrast werden, werken krachtiger dan onderzoeksrapporten.
  3. Geef ruimte aan twijfel: Zeg niet dat scepticisme ongegrond is. Erken het. “Ik snap dat je dit al eerder hebt gehoord” is een krachtig begin van een gesprek.
  4. Maak het klein: Niet “we gaan EDI invoeren op school”, maar “probeer volgende week eens dit ene onderdeel uit en kijk wat er gebeurt”.

Scepticisme verdwijnt niet na één uitleg. Het verdwijnt als docenten zelf ervaren dat iets werkt.

Meer tips?

Schrijf je dan nu in voor onze nieuwsbrief!

Privacyvoorwaarden*

Welke eerste stap werkt het best bij de introductie van EDI?

De beste eerste stap bij de introductie van EDI is een gezamenlijke verkenning, geen training. Breng het team samen en stel de vraag: wat werkt er nu al goed in onze lessen? Bouw van daaruit verder. Zo voelt EDI niet als vervanging van wat docenten doen, maar als versterking.

Een praktische aanpak die goed werkt: begin met een korte demonstratieles van iemand die al ervaring heeft met EDI, gevolgd door een open gesprek. Geen oordeel, geen beoordelingsformulier. Gewoon kijken en bespreken. Dat verlaagt de drempel enorm.

Wat je in deze fase beter kunt vermijden: direct starten met lesbezoeken en feedback, een uitgebreid theoretisch kader presenteren voordat docenten iets hebben gezien of geprobeerd, of EDI koppelen aan functioneringsgesprekken. Dat creëert druk en weerstand op het moment dat je juist vertrouwen wilt opbouwen. Wil je weten hoe zo’n traject eruit kan zien? Bekijk dan ons aanbod voor schoolontwikkeling en begeleiding.

Hoe houd je het enthousiasme voor EDI vast na de eerste training?

Enthousiasme na een eerste EDI-training houd je vast door te borgen, niet door te herhalen. Een eenmalige training werkt niet als er daarna niets mee gedaan wordt. Docenten hebben ruimte nodig om te oefenen, feedback te ontvangen en ervaringen te delen met collega’s.

Concrete manieren om het enthousiasme levend te houden:

  • Intervisie in kleine groepen: Laat docenten regelmatig met twee of drie collega’s ervaringen uitwisselen. Laagdrempelig, geen hiërarchie, wel leerrendement.
  • Lesbezoeken met een coachende insteek: Niet evalueren, maar samen kijken. Wat ging goed? Wat wil je de volgende keer anders proberen?
  • Kleine successen zichtbaar maken: Vier wat werkt. Als een docent merkt dat leerlingen actiever meedoen door een andere instructievorm, benoem dat dan in het team.
  • Vervolgmomenten inplannen: Enthousiasme verdampt als er na de training niets op de agenda staat. Plan vervolgbijeenkomsten al in tijdens de eerste training.

Ons Didactisch Coachen Programma is hier specifiek op gebouwd: een masterclass gecombineerd met een borgingstraject, zodat wat docenten leren ook echt beklijft in de dagelijkse praktijk.

Wanneer is een team klaar voor EDI op schoolniveau?

Een team is klaar voor EDI op schoolniveau als er voldoende psychologische veiligheid is, een gedeeld begrip van wat EDI inhoudt, en minstens een groep docenten die positieve ervaringen heeft opgedaan. Schoolbrede implementatie zonder die basis leidt bijna altijd tot halfslachtige uitvoering.

Dat betekent niet dat iedereen enthousiast moet zijn voordat je begint. Unanimiteit is een utopie. Wat je wel nodig hebt: een kritische massa van docenten die het willen proberen, een schoolleiding die ruimte en vertrouwen geeft, en een aanpak die past bij de cultuur van de school.

Signalen dat een team er klaar voor is: docenten stellen uit zichzelf vragen over EDI, er zijn al informele gesprekken over lespraktijk in de wandelgangen, en lesbezoeken worden niet als bedreiging maar als kans gezien. Ontbreken die signalen nog? Dan is de eerste stap niet EDI invoeren, maar werken aan de randvoorwaarden. Dat is geen mislukking, dat is slim plannen.

Hoe wij helpen met EDI invoeren in jouw team

September Onderwijs helpt scholen al meer dan 15 jaar met het invoeren van didactische vernieuwingen op een manier die docenten meeneemt in plaats van overrompelt. We weten hoe weerstand werkt, en we weten hoe je die ombuigt naar echte betrokkenheid.

Wat wij bieden bij de implementatie van EDI:

  • Praktijkgerichte trainingen die aansluiten op wat docenten al kunnen
  • Didactisch coachen met een planmatige aanpak die het denkproces van leerlingen stimuleert
  • Borgingstrajecten met intervisie en lesbezoeken, zodat nieuwe vaardigheden echt beklijven
  • Maatwerk per school, want elke situatie is anders

Wil je weten wat wij voor jouw school kunnen betekenen? Vraag een offerte aan of neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek. We denken graag met je mee.

Vraag onze brochure aan

Bekijk het cursusaanbod

Verhalen uit het onderwijs

Tips voor leskwaliteit

Incompany traject in het kort

Verkenning van de ontwikkelsituatie in jouw organisatie of team

Flexibele samenstelling van intern programma in goed overleg

Combinatie van teamtrainingen en individuele coaching

Praktijkgerichte oefeningen met werkplezier

Misschien vind je dit ook interessant?