Het IGDI-model bestaat uit vijf stappen: instructie, begeleide inoefening, zelfstandige verwerking, terugkoppeling en transfer. Deze stappen vormen samen een gestructureerde lesopbouw waarbij de docent geleidelijk de verantwoordelijkheid voor het leren overdraagt aan de leerling. Het model is populair in het Nederlandse basisonderwijs en voortgezet onderwijs als praktische uitwerking van directe instructie. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over het IGDI-model, de verhouding tot EDI en de toepassing in de praktijk.
Hoe verschilt het IGDI-model van klassieke directe instructie?
Het IGDI-model is een Nederlandse uitwerking van directe instructie die expliciet ruimte maakt voor begeleide inoefening als tussenstap. Waar klassieke directe instructie vaak direct overgaat van uitleg naar zelfstandige verwerking, bouwt het IGDI-model een brug: de docent oefent eerst samen met leerlingen voordat ze op eigen benen staan.
Bij klassieke directe instructie ligt de nadruk sterk op de overdracht van kennis door de docent. De leerling is relatief passief en gaat na de uitleg zelfstandig aan de slag. Dat werkt goed voor routinematige vaardigheden, maar schiet tekort bij complexere leerstof waarbij leerlingen tussenstappen nodig hebben om denkfouten te herkennen en te corrigeren.
Het IGDI-model voegt daar twee cruciale elementen aan toe: de interactie tijdens de instructie en de geleidelijke afbouw van ondersteuning. De docent stelt gerichte vragen, checkt begrip en past de uitleg aan op wat hij of zij ziet. Dat maakt het model veel meer een dialoog dan een monoloog.
Wat zijn de vijf stappen van het IGDI-model precies?
De vijf stappen van het IGDI-model zijn: terugblik, instructie, begeleide inoefening, zelfstandige verwerking en terugkoppeling. Samen vormen ze een logische opbouw van uitleg naar zelfstandig werken, waarbij de docent stap voor stap meer loslaat.
- Terugblik: Je start de les met een korte herhaling van eerder geleerde stof. Dit activeert voorkennis en helpt leerlingen om nieuwe informatie te koppelen aan wat ze al weten.
- Instructie: De docent legt de nieuwe leerstof uit, liefst met concrete voorbeelden en hardop denken. Interactie met leerlingen is hier al aanwezig: vragen stellen, begrip checken.
- Begeleide inoefening: Leerlingen oefenen de nieuwe stof samen met de docent. De docent observeert, geeft directe feedback en stuurt bij waar nodig.
- Zelfstandige verwerking: Leerlingen werken zelfstandig aan opdrachten. De docent loopt rond, observeert en helpt alleen waar echt nodig.
- Terugkoppeling: De les sluit af met een gezamenlijke reflectie. Wat hebben leerlingen geleerd? Wat was lastig? Hoe gaan ze dit toepassen?
Deze opbouw sluit nauw aan bij het principe van scaffolding: je biedt eerst veel steun en bouwt die geleidelijk af naarmate leerlingen meer zelfvertrouwen en begrip ontwikkelen.
Hoe werkt de begeleide inoefening binnen het IGDI-model?
Begeleide inoefening is de stap waarbij leerlingen voor het eerst zelf aan de slag gaan, maar nog niet alleen. De docent is actief aanwezig, stelt vragen, geeft directe feedback en corrigeert denkfouten voordat ze inslijpen. Dit is de meest interactieve fase van het IGDI-model.
In de praktijk betekent dit dat je als docent klassikaal of in kleine groepjes oefent. Je laat leerlingen hardop denken, vraagt om tussenstappen en laat ze fouten benoemen en corrigeren. Dat voelt soms onwennig, zeker als je gewend bent om snel door te gaan naar zelfstandig werken. Maar juist deze fase bepaalt in grote mate of leerlingen de stof echt begrijpen of alleen oppervlakkig nabootsen.
Effectieve begeleide inoefening vraagt om bewuste keuzes:
- Kies voorbeeldopgaven die de meest voorkomende denkfouten uitlokken
- Laat leerlingen redeneren, niet alleen antwoorden geven
- Geef feedback op het denkproces, niet alleen op het eindresultaat
- Observeer actief wie het begrijpt en wie nog vastloopt
- Pas het tempo aan op basis van wat je ziet
Dit vraagt om sterke didactische coachingsvaardigheden. Onze trainingen voor docenten gaan hier dieper op in, inclusief het oefenen van deze interactiemomenten in de eigen klas.
Meer tips?
Wanneer gebruik je het IGDI-model wel of niet?
Het IGDI-model werkt het beste bij het aanleren van nieuwe concepten, vaardigheden of procedures waarbij leerlingen stapsgewijze begeleiding nodig hebben. Het is minder geschikt voor open, onderzoeksgerichte opdrachten waarbij juist de verkenning centraal staat.
Gebruik het IGDI-model wanneer:
- Je een nieuwe vaardigheid of strategie introduceert
- De leerstof complex is en denkfouten snel inslijpen
- Leerlingen weinig voorkennis hebben over het onderwerp
- Je wilt dat alle leerlingen een stevige basisbeheersing opbouwen
Het model is minder passend bij creatieve opdrachten, probleemgestuurd leren of situaties waarbij je juist wilt dat leerlingen zelf ontdekken en fouten maken als onderdeel van het leerproces. In die gevallen kun je het beter aanvullen met andere werkvormen of het model deels loslaten.
Wat is het verschil tussen IGDI en EDI?
IGDI en EDI zijn beide vormen van expliciete directe instructie, maar EDI (Expliciete Directe Instructie) is specifieker en gedetailleerder in de uitvoering. EDI werkt met een vaste reeks van instructiestappen en legt sterk de nadruk op het controleren van begrip bij elke stap, bij elke leerling.
De kern van het verschil zit in de granulariteit. Het IGDI-model geeft een heldere lesstructuur met vijf stappen, maar laat de docent vrij in de uitvoering. EDI schrijft meer voor: hoe je vragen stelt, hoe je begrip checkt, hoe je de groep betrekt. Bij EDI gebruik je technieken als choral response, whiteboards en het gelijktijdig antwoorden van alle leerlingen om zeker te weten dat niemand achterblijft.
In termen van de EDI-stappen zie je ook een andere naamgeving en volgorde. EDI begint bijvoorbeeld expliciet met het activeren van voorkennis via een zogenaamde concept development en werkt met een strakke structuur van modeling, guided practice en independent practice. IGDI is daarin iets toegankelijker voor docenten die net beginnen met gestructureerde instructie.
Beide modellen sluiten elkaar niet uit. Veel scholen gebruiken IGDI als basisstructuur en integreren EDI-technieken om de begeleide inoefening scherper te maken. Meer weten over hoe dit past binnen schoolontwikkeling? Dat is precies het terrein waar wij mee helpen.
Hoe pas je het IGDI-model toe met een heterogene klas?
Het IGDI-model toepassen in een heterogene klas vraagt om differentiatie binnen de structuur. De vijf stappen blijven gelijk, maar de inhoud, het tempo en de ondersteuning pas je aan op de verschillende niveaus in de groep. Dat is een uitdaging, maar zeker haalbaar met de juiste aanpak.
Praktische manieren om te differentiëren binnen het IGDI-model:
- Tijdens de instructie: Gebruik meerdere voorbeelden op verschillende niveaus. Start eenvoudig en bouw op.
- Tijdens de begeleide inoefening: Groepeer leerlingen tijdelijk op niveau en geef gerichte instructie aan wie dat nodig heeft.
- Tijdens de zelfstandige verwerking: Bied gedifferentieerde opdrachten aan: een basisvariant, een verdiepingsvariant en een uitdagende variant.
- Tijdens de terugkoppeling: Laat leerlingen van verschillende niveaus hun redenering delen, zodat iedereen van elkaar leert.
Het IGDI-model dwingt je als docent om bewust na te denken over wie wat nodig heeft op welk moment. Dat is soms intensief, maar het maakt je lessen veel effectiever voor de hele groep, niet alleen voor het gemiddelde niveau.
Hoe wij helpen met het IGDI-model en gestructureerde instructie
Bij September Onderwijs begeleiden we docenten en teams bij het toepassen van gestructureerde instructiemodellen zoals IGDI en EDI in de dagelijkse lespraktijk. Niet als theorie, maar als iets wat je morgen al kunt gebruiken in je eigen klas.
Wat we bieden:
- Praktijkgerichte trainingen gericht op leskwaliteit en pedagogisch-didactisch handelen
- Ons Didactisch Coachen Programma: een masterclass met borgingstraject waarbij we je begeleiden in het stellen van de juiste vragen, het geven van effectieve feedback en het stimuleren van het denkproces van leerlingen
- Lesbezoeken met directe, constructieve feedback
- Maatwerk op schoolniveau, afgestemd op jullie specifieke context en leerlingenpopulatie
- Borging via coaching en intervisie, zodat nieuwe vaardigheden ook echt beklijven
We werken vanuit respect voor wat je al kunt. Jouw ervaring is geen obstakel, het is het vertrekpunt. Wil je weten hoe een traject eruitziet voor jou of je team? Neem contact op of vraag een offerte aan en we denken graag met je mee.


